| VNG - Congres en drugsdiscussie |
donderdag 14 juni 2001 |
|||
| Op 12 en 13 juni
2001 vond in Kerkrade het jaarlijkse VNG-congres plaats, dat ditmaal in
het teken stond van de wetgeving van Europa en de gevolgen voor de
gemeenten. Ook de Gemeente Oud-Beijerland had een afvaardiging gestuurd.
Onderdeel van de congresdagen vormden de discussiegroepen rond een bepaald
thema. Zo was de delegatie uit Oud-Beijerland zeer benieuwd naar de relatie van de Europese wetgeving tot het Nederlandse gedoogbeleid. De betreffende discussiegroep werd geleid door de Heerlense wethouder Seijben. Eerst gaf hij een beschrijving van de situatie in zijn eigen gemeente, waarin hij schetste hoe Heerlen een aantal jaren geleden veel meer coffeeshops telde dan nu. Het landelijke gedoogbeleid was toegepast, hetgeen impliceerde, dat de coffeeshops werden gedoogd. Nu waren er aanzienlijk minder coffeeshops in Heerlen en vormden softdrugs zijns inziens ook geen probleem. Neen, het grote probleem van Heerlen vormden nu de harddrugs. Op de vraag van fractievoorzitter Jeelof, of het een dan misschien het gevolg was van het ander, m.a.w. of de vroegere softdrugsgebruikers dan misschien waren overgestapt op de harddrugs (stepping stone scenario), kon hij geen duidelijk antwoord geven. Ook de aanwezige vertegenwoordiger van het Consultatiebureau voor Alcohol en Drugs (CAD) kwam niet verder dan de veronderstelling, dat dat niet per sé zo hoefde te zijn. Hij gaf aan dat er na de experimentele fase van de veelal jonge gebruikers, vaak een afbouwperiode aanbrak. Toch kon daarmee het stepping stone scenario voor de harddrugsgebruikers niet weerlegd worden. Wel werd nog door hem gesteld, dat het gebruik van soft- of harddrugs rechtevenredig was met problemen thuis en dat het toch meestal de mentaal zwakkeren betrof. De noodzaak van goede voorlichting werd benadrukt, maar de meeste overeenstemming in de discussiegroep werd bereikt met de opvatting, dat regels en grenzen duidelijk moeten zijn en er een belangrijke taak voor de ouders èn de overheid lag. Het gedoogbeleid werd daarmee niet als een sterke bijdrage van de overheid gezien. Ook de mate van "beheersbaarheid" door dat beleid kan stevig in twijfel worden getrokken. De relatie van het Nederlandse gedoogbeleid tot de Europese wetgeving kwam helemaal niet uit de verf. Alleen werd benadrukt, dat het Nederlandse beleid zorgde voor veel drugstoeristen in de grenssteden.
Eens in de vier jaar kunt u tijdens de
gemeenteraadsverkiezingen uw stem laten horen en invloed op de politiek uitoefenen.
| Home | |
Journalistieke
interpretaties... Fractievoorzitter Jeelof van BINT gaf een korte omschrijving van het verloop van de softdrugsdiscussie in Oud-Beijerland en de rol van de overheid daarin.
Hij refereerde aan het feit, dat hij zelfs enige tijd geleden het OM van chantage had beschuldigd wegens de poging van het OM een gedoogpunt in Oud-Beijerland af te dwingen. De aanwezigen waren stomverbaasd over de manier, waarop "de driehoek" met het gemeentelijk softdrugsbeleid omging. Natuurlijk was iedereen het er mee eens, dat drugs nooit helemaal zouden kunnen worden uitgeroeid. Tot zover de feiten in het kort. De
journaliste plaatste op Het
artikel kreeg als titel: Gezien de beschrijving van de wethouder van Heerlen over de drugssituatie in zijn stad niet echt een aanlokkelijk eindscenario. Kennelijk vond het artikel op een of andere manier ook zijn weg naar het Rotterdams Dagblad. Hetzelfde artikel verscheen, enigszins ingekort, namelijk ook in die krant. Daar had men echter ook nog eens de kop veranderd, zodat het artikel een totaal ander verloop van de discussie suggereerde. De kop in
het En dat, terwijl Heerlen het liefst met Oud-Beijerland had willen ruilen, waar de situatie bij hen al te ver uit de hand was gelopen... Maar
ja..., Kunt u toch beter even op het Binternet kijken!
|