Tijdens de raadsvergadering van 25 april
2000 zijn namens de coalitepartijen BINT en CDA twee moties ingediend, die
uitvoering moeten geven aan het lokale softdrugsbeleid, zoals dat in het
coalitieprogramma is verwoord. De moties werden na een hoofdelijke
stemming met een grote meerderheid aangenomen met de stemmen van BINT,
CDA, SGP, D66 en RPF (13) vóór en VVD, PvdA en GroenLinks (5) tegen.
In motie 1
werd aangedrongen over te gaan tot sluiting van de enig overgebleven
coffeeshop, bij de eerste gelegenheid die zich zal voordoen.
Als overwegingen werden aangevoerd de feiten dat:
- Sinds de gemeenteraad van de Gemeente Oud-Beijerland op 24
apri 1995 de Cannabisverordening heeft aangenomen het lokale
coffeeshopbeleid gericht is op de z.g. nuloptie;
- In het collegeprogramma is opgenomen dat de burgemeester zijn
bevoegdheden zal gebruiken om panden en verkooppunten, van waaruit
verdovende middelen worden verhandeld, te sluiten;
- Met de inwerkingtreding van de Wet Damocles, artikel 13b van
de Opiumwet, op 21 april 1999, de burgemeester een
handhavingsinstrument heeft, dat op grond van het lokale
softdrugsbeleid kan worden toegepast;
- De uitspraak van de rechtbank in de huidige lopende
rechtsprocedure van de Gemeente tegen de laatste coffeeshop is
verdaagd tot 26 mei 2000;
- De eigenaar van die coffeeshop te kennen heeft gegeven de
bovengenoemde rechtszaak zo lang mogelijk te willen en zullen rekken;
- De afronding van de lopende rechtsprocedure, inclusief
eventuele beroepen, nog onbepaald lange tijd kan duren;
- Op 26 mei 2000 een voor de gemeente positieve uitspraak van
de rechter kan worden verwacht.
In motie
2 werd aangedrongen op het komen tot overeenstemming met
politie en justitie in het driehoeksoverleg en het vaststellen van een
handhavingsarrangement voor de Gemeente Oud-Beijerland, waarbij handhaving
van het lokale sofdrugsbeleid, zoals vastgesteld door de raad, door alle
partijen in het driehoeksoverleg wordt nagestreefd, zodat ook
strafrechtelijk wordt opgetreden tegen overtredingen, die bij de gemeente
prioriteit hebben gekregen.
De overwegingen waren, dat
- Sinds de gemeenteraad van de Gemeente Oud-Beijerland op 24
april 1995 de Cannabisverordening heeft aangenomen het lokale
coffeeshopbeleid gericht is op de z.g. nuloptie;
- In het collegeprogramma is opgenomen dat sterke druk moet
worden uitgeoefend op justitie en politie om de nuloptie ook
strafrechtelijk te handhaven;
- Er in het driehoeksoverleg van burgemeester, politie en
justitie voor de Gemeente Oud-Beijerland geen overeenstemming is
bereikt en er geen handhavingsarrangement bestaat;
- De Hoge Raad op 15 oktober 1996 heeft bepaald, dat bij het
ontbreken van een handhavingsarrangement onverkort de Opiumwet van
toepassing is;
- De politierechter te Dordrecht op 28 januari 1999 in een
uitspraak heeft aangegeven, dat er in Oud-Beijerland geen sprake is
van een lokaal gedoogbeleid en de Opiumwet van toepassing heeft
verklaard;
- Het Integraal Veiligheidsprogramma 1999 de regierol voor het
lokale veiligheidsbeleid bij de gemeente legt en medewerking eist van
politie en justitie.
Nu wordt het zaak het Openbaar Ministerie te
bewegen de moedwillige obstructie van het Oud-Beijerlandse softdrugsbeleid
op te geven. In bovenstaande overwegingen wordt overduidelijk aangetoond,
dat het OM op een verkeerd spoor zit. Waar andere gemeenten ( bijv. de
vijf overige gemeenten in de Hoekse Waard) zonder veel moeite hun
nulbeleid bevestigd zien, blijft het OM volharden in haar standpunt voor
Oud-Beijerland.
Bij ons rijzen dan vragen over bij het OM aanwezige kennis van
jurisprudentie, over het democratisch gehalte van het OM en over welke
(duistere) achtergronden bij het OM nog meespelen.
Bij het OM wordt de onvergeeflijke fout gemaakt een richtlijn boven de wet
te plaatsen en zelfs nuanceringen van die richtlijn, zoals aangegeven door
de Hoge Raad, naast zich neer te leggen.
Het OM matigt zich een houding aan als zou alleen zíj in het
driehoeksoverleg kunnen en mogen bepalen wat het lokale veiligheidsbeleid
moet inhouden, terwijl juist in het Integraal Veiligheidsplan en ook in de
bevindingen van de Commissie Elzinga de regierol bij de gemeente wordt
gelegd en wordt benadrukt, dat juist de invloed van de gemeenteraden zou
moeten worden versterkt. Kennelijk is deze informatie nog niet bij het OM
doorgedrongen; of hebben zij er niets van begrepen (willen er niets van
begrijpen), of willen zij geen afstand doen van hun fictieve
machtspositie, of wachten zij als trouwe robots op de volgende
richtlijn.
Het OM reageert blijkbaar niet op prikkels die van onderen uit de
samenleving komen, maar erkent slechts de hiërarchische structuur, die
loopt vanaf het Ministerie van Justitie, waarbij zij zich permitteert
selectief regelgeving toe te passen.
Ook in Europees verband zal het Nederlandse gedoogbeleid geen steun
krijgen: een uitspraak van het Europese Hof zou dat ongetwijfeld
bevestigen.
Lees verder voor het antwoord
van het OM op de moties van de Gemeenteraad van Oud-Beijerland.
Eens in de vier jaar kunt u tijdens de
gemeenteraadsverkiezingen uw stem laten horen en invloed op de politiek uitoefenen.
U kunt tijdens die vier jaar ook voortdurend actief deelnemen aan de besluitvorming in ons
dorp.

Wilt u actief deelnemen aan de discussie en/of de
besluitvorming?
Stuur dan een e-mailtje, bel een BINT-raadslid.
| Home
|
|
|
Sinds de
invoering van de nieuwe politiewet in 1995 wordt het veiligheidsbeleid
"gemaakt" in het z.g. driehoeksoverleg.
Het
driehoeksoverleg bestaat uit de burgemeester, de Officier van Justitie en
de Districtschef van Politie.
Géén
van deze ambtenaren is democratisch gekozen.
Het
driehoeksoverleg kan gemakkelijk de democratische wensen van de bevolking
naast zich neer leggen.
Het
Openbaar Ministerie heeft meermalen te kennen gegeven zich niets van het
besluit van de Raad van Oud-Beijerland om de nuloptie te handhaven aan te
zullen trekken.
Het heeft
voor de politie weinig zin op te treden, wanneer het OM aangeeft
overtredingen van de Opiumwet niet te zullen vervolgen.
Het is
een groot misverstand te denken, dat softdrugs nu wettelijk zijn
toegestaan; de Opiumwet is duidelijk op dat punt.
Het
Openbaar Ministerie heeft vanaf het begin geweigerd met BINT in overleg te
gaan.
Zeer
bedenkelijk is wel, dat de communicatie van het OM naar de
coffeeshopeigenaar in Oud-Beijerland kennelijk soepeler verloopt, dan de
communicatie tussen het OM en de gemeenteraad van Oud-Beijerland.
Dat blijkt
o.a. uit de uitspraken die de coffeeshophouder deed in de uitzending van
Nieuwsradio Hoekse Waard op 26 april 2000, waar hij aangaf precies op de
hoogte te zijn van uitspraken, die het OM tijdens de besloten presentatie
aan de raad de avond ervoor zou doen.
Ook claimde hij, dat er afspraken gemaakt zouden zijn met politie en
justitie.
In het
licht van de barrière die het OM op de weg van de gemeenteraad legt, zijn
wij op dit moment zelfs geneigd hem nog te geloven ook!
Misschien
dat het tijd wordt bij de hogere overheid er op aan te dringen om een
onderzoek te verrichten naar het functioneren van het OM te Dordrecht.
Copyright ©
BINT 2000-2004
Overname met bronvermelding
toegestaan.
webmaster@binternet.nl

|
|